Als de plannen van het demissionaire kabinet doorgaan, dan stijgt de koopkracht van allerlei verschillende groepen in de maatschappij volgend jaar ietsje meer dan het Centraal Planbureau (CPB) in juli nog verwachtte. Dat staat in de Prinsjesdagberekeningen van het CPB, waarin ook de nieuwste kabinetsplannen zijn meegenomen.
Het komt vooral doordat het demissionaire kabinet de tijdelijke accijnsverlaging op brandstoffen volgend jaar in stand wil houden. Zonder de verlenging van die accijnsverlaging zou bijvoorbeeld benzine volgend jaar zo’n 25 cent per liter duurder worden.
De koopkracht van het doorsnee huishouden stijgt nu naar verwachting 1,3 procent. In juli verwachtte het CPB nog een koopkrachtstijging van 1 procent, vooral doordat de lonen harder omhooggaan dan de prijzen.
Demissionair
Nu het kabinet demissionair is en alleen nog bestaat uit de VVD en BBB is het onzeker of de nieuwe kabinetsmaatregelen wel door de Tweede en Eerste Kamer worden aangenomen. Daardoor kan de koopkracht dus ook anders uitpakken dan nu wordt voorspeld.
Bekijk hier de koopkrachtverwachting voor verschillende groepen, swipe voor meer:
Wat is het nut van koopkrachtramingen?
De koopkrachtberekeningen van het CPB zijn vooral handig om voor verschillende groepen het effect te zien van kabinetsmaatregelen. Het bureau baseert zijn ramingen verder op de verwachte loonstijging en inflatie volgend jaar, maar die kunnen in de praktijk anders uitpakken.
Stijgen lonen harder dan verwacht, dan komt de koopkracht voor veel groepen ook hoger uit. Wordt alles veel duurder dan gedacht, dan stijgt de inflatie harder en valt de koopkracht juist lager uit. Het gaat steeds ook om de doorsnee stijging binnen een groep. Dus er zijn binnen een groep ook altijd huishoudens van wie de koopkracht meer of minder stijgt of daalt dan die doorsnee.
En het CPB raamt alleen de zogeheten statische koopkracht. Daarbij gaan ze ervan uit dat ieders situatie hetzelfde blijft. Dus je krijgt geen promotie op het werk, verandert niet van baan en gaat ook niet scheiden. Juist door dat soort veranderingen kan je koopkracht flink veranderen.
Verder verwacht het CPB dat de economie volgend jaar doorgroeit, maar wel iets minder dan dit jaar. Het percentage mensen in armoede daalt licht en het begrotingstekort stijgt naar 2,7 procent van het bruto binnenlands bruto. Dat is onder het maximale tekort van 3 procent waaraan alle EU-landen hebben beloofd zich te houden.
Ook het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) heeft gekeken naar de koopkrachtontwikkeling volgend jaar en constateert dat voor bijna alle huishoudens de koopkracht stijgt. “Het is fijn dat naar verwachting bijna iedereen er in koopkracht op vooruit gaat komend jaar”, zegt directeur Arjan Vliegenthart. “Nederland lijkt financieel verder op adem te komen.”
Het Nibud vindt het verder goed dat de berekening van de huurtoeslag volgend jaar eenvoudiger wordt en dat meer huurders er recht op krijgen. “De eerder aangekondigde aanpassingen in de huurtoeslag betekenen dat de koopkracht voor deze kwetsbare groep huishoudens verbetert”, aldus Vliegenthart.
Zo kunnen huurders met een huur boven de 900 euro volgend jaar ook recht krijgen op huurtoeslag en de leeftijdsgrens gaat omlaag van 23 naar 21 jaar.
Sommigen kwetsbaar
Wel ziet hij dat sommige groepen financieel kwetsbaar blijven: “Jongvolwassenen die op zoek zijn naar een eerste betaalbare woning, mensen met hoge onvermijdbare kosten omdat ze bijvoorbeeld een chronische beperking hebben en mensen die alle toeslagen waar ze recht op hebben ook daadwerkelijk moeten aanvragen om rond te kunnen komen.”
Het Nibud heeft voor 117 voorbeeldhuishoudens berekend wat de koopkracht volgend jaar doet. Bij slechts één van die 117 gaat de koopkracht volgend jaar omlaag: een alleenstaande zelfstandig ondernemer zonder kinderen die 35.000 verdient. Van zo iemand daalt de koopkracht met 1 procent, vooral door de verlaging van de zelfstandigenaftrek.