Bulgarije krijgt groen licht om over te stappen op de euro. Dat hebben de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank besloten, op basis van een nieuw rapport.

Vanaf 1 januari mag Bulgarije de eigen valuta lev inruilen voor de euro, aldus de twee EU-instellingen. Het Europees Parlement en de andere EU-landen moeten dit formeel ook nog goedkeuren, ook al is dat vooral een formaliteit.

Een definitief ‘ja’ zou betekenen dat de eurozone binnenkort 21 landen telt. De verwachting is dat de prijzen in Bulgaarse winkels al vanaf augustus zowel in euro als in lev worden aangegeven.

“Dankzij de euro zal de Bulgaarse economie sterker worden, met meer handel met de partners van het eurogebied, buitenlandse directe investeringen, toegang tot financiering, hoogwaardige banen en reële inkomens”, zei de voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen. Ze feliciteert Bulgarije met het nieuws. “Bulgarije zal zijn rechtmatige plaats innemen bij het vormgeven van de beslissingen die centraal staan in de eurozone.”

Protesten

EU-landen die de euro willen invoeren, moeten voldoen aan een aantal criteria. Zo mag de staatsschuld niet hoger zijn dan 60 procent en het begrotingstekort niet hoger dan 3 procent van het bruto binnenlands product.

Ook de inflatie moet onder controle zijn. Bulgarije wilde vorig jaar al overstappen op de euro, maar daar was de inflatie te hoog voor. Die mag niet hoger zijn dan 1,5 procentpunt boven de eurolanden met de laagste inflatie. In het laatste jaar had Bulgarije een gemiddelde inflatie van 2,7 procent. Dat komt in de buurt van Finland, Italië en Ierland, en is dus laag genoeg voor de eurozone.

Niet iedereen is enthousiast. Vorige week protesteerden duizenden burgers in de hoofdstad Sofia. Ze zijn bang dat de euro voor een financiële crisis zal zorgen. Daarom willen burgers een referendum over de euro; daar zegt het Bulgaarse parlement nee tegen.